Klein Japannertje.

Ik ben een klein Japannertje. Lang geleden was ik een guitig ding. Later vonden ze me een klein ding. Nu vinden steeds meer broers en zussen me een oud en een lelijk ding. Wanneer we samen aan een verkeerslicht staan, duwen ze hun bumper net iets verder over de streep en houden zich gespannen klaar om niet nà mij te moeten vertrekken. Dat is nog te doen. De laatste tijd wordt het griezelig. Ze willen niks meer van me weten en vinden het steeds vaker nodig om vlak achter mijn bumpertje te kleven alvorens in een rotte vaart voorbij te vliegen. Ik hoor ze gniffelen: “Wat een klein en lelijk ding,… uit de weg!”

Er valt nochtans niks aan te merken. Bij de jaarlijkse controle krijg ik zonder voorbehoud de goedkeuring om me op straat te begeven en mijn baasje ook,… al moet die al wat vaker dan vroeger de olie laten verschonen,… of zo iets. Ik hoor baasje zeggen dat hij het zich niet aantrekt.

Hopelijk blijft hij me graag zien. Ik doe mijn best om niet te ontgoochelen maar het wordt moeilijk. Gisteren reed een broer uit Beieren vlak voor me,… ruim onder de maximum snelheid. Van baasje mocht ik voorbij steken maar brutaal kwam die ook aan mijn holletje snuffelen. Waarschijnlijk wou hij ruiken of ik aan de emissienormen voldoe. Ik moet toegeven dat ik inderdaad wat meer windjes laat dan vroeger. De viespeuk.

Volgens Bull-e-Bak, hij die in onze buurt iedereen de stuipen op het lijf jaagt, is dat snuffelen normaal omdat oude Japannertjes hier niet thuis horen. “Vertrek naar een ander land. Je hebt hier niks meer te zoeken.” Dat zegt hij zonder zijn motor te verhitten. Misschien heeft hij gelijk. Er begint al wat roest te komen aan mijn scharnieren en mijn remmen jeuken wanneer er zout wordt gestrooid.

Alhoewel,… mij niet onderschatten! In de winter ben ik op mijn best. Mijn motortje is nog vinnig en met mijn automatische versnelling rij ik vlot de heuvels op. Mijn baasje zorgt voor gepast rubber. Daardoor heb ik beter grip dan grote broers en zussen die van hun baasjes geen zachte wintersloffen krijgen. Misschien zien zij hun wagens minder graag? Mijn kleine gestalte heeft ook voordelen. Wanneer ik een vrije plaats zoek stuurt baasje me op plaatsen waar bling-bling-broers schrik hebben voor een schram of waar zussen-met-een-brede-kont niet tussen geraken. Maar ook dat begint te veranderen. Tegenwoordig parkeert baasje me op een grote parking aan de rand van de stad. Het is daar eenzaam want iedereen wil dicht bij de stadskern blijven. Ik ben niet graag alleen. Zou baasje zich voor me schamen?(*)

Thuis woon ik samen met de anderen van het gezin. Dat zijn mijn vrienden en ook in de straat lijken de meesten me nog goedgezind. Alleen onderweg word ik geconfronteerd met broers en zussen die dezelfde kwalijke kenmerken vertonen als hun baasjes. Ze zijn natuurlijk niet allemaal hetzelfde. Maar toch, we zijn vaak een opvulling van de baasjes hun persoonlijkheid en een afspiegeling van hun ego. De anderen thuis zeggen dat zij ook last hebben, maar minder dan ik. Ze zien er jonger, guitiger of hipper uit.

Ik ben klein, oud en lelijk maar mijn baasje ziet me graag. Om me te bedanken voor de jaren trouwe dienst mocht ik deze week dit stukje schrijven. Hij zegt dat het mijn “gouden horloge” is, maar dat begrijp ik niet.

Groeten van een klein Japannertje.
* Lees ook: “parkeren getest” op sjarelklak.be

2 gedachtes over “Klein Japannertje.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s